|
|
||
| Start » Werkgroepen » Landschapsbeheer » Verslag 2025-2026 | ||
|
Landschapsbeheer
| 2000
» 2001
» 2002
» 2003
» 2004
» 2005
» 2006
» 2007
» 2008 - Zaagbek
» 2008
» 2009
» 2010
» 2011
» 2012
» 2013
» 2014
» 2015
» 2016
» 2017
» 2019
» 2020
» 2021
» 2022
» 2023 » 2024 » 2025-2026
|
2025-2026 - Vrolijk verderDit is na al dat zaaggeweld van de afgelopen jaren het tweede verslagjaar waarin we vooral het "normale" onderhoud verrichten. Saai? Welnee. Het blijft altijd een genot om met gelijkgestemden in de natuur te werken. En deze knotploeg verzint altijd wel weer iets nieuws; nieuwe klussen of een nieuwe aanpak of een nieuw soort gereedschap, waardoor het blijft verrassen. En het is altijd gezellig! |
Foto's 2025-2026De foto's in dit verslag zijn gemaakt door.Ze heeft nog veel meer foto's gemaakt. Die staan in de presentatie "Landschapsbeheer over de jaren heen". |
|
Als dat niet zo is, is er iets mis gegaan. Informeer de webmaster a.u.b. |
||
Voorjaar en zomer 2025 Deze tussenperiode tussen de knotseizoenen in waren we naast de gewone klussen zoals vuil ruimen en het bijhouden van de wandelpaden vooral bezig met het handmatig baggeren van de sloten en insteekhavens in ons gebied. Het baggeren van de sloten dient een tweeledig doel. Ten eerste willen we weer leven terugbrengen in de dichtgeslibde sloten. Al jaren is er niet of nauwelijks gebaggerd, maar alleen gesloot. Daardoor staat er nog maar heel weinig water in, zo'n 10 centimeter op veel plaatsen. En helemaal geen waterplanten, alleen wat oeverbegroeiing her en der. We hopen weer waterplanten en daarmee ook waterdieren terug te krijgen in de gebaggerde delen. Daarnaast hebben we speciaal daar gebaggerd, waar we eerder natuurlijke oeverbeschoeiing hadden aangebracht om de afslag van de kade tegen te gaan. Die beschoeiing bestaat uit palen, in het water geslagen, met daartussen wilgentenen gevlochten en daarachter kortgeknipte takken. Op hout groeit natuurlijk niets. Daarom hebben we daar nu op een aantal plaatsen bagger over heen gestort, waarop weer planten zullen gaan groeien. Dan krijgt de oever daarmee een veel natuurlijker aanblik.
|
||
BramenIn twee bospercelen waarvan we zeker wisten dat er geen vogels broeden, werd vanaf het voorjaar weer gewerkt aan het verwijderen van bramen. Door één van de vrijwilligers werden de bramen niet alleen bij de grond afgeknipt, maar met wortel en al verwijderd. Dat is pas echt monnikenwerk, maar het zorgt er wel voor dat de bramen langer of hopelijk zelf helemaal weg blijven. Na het broedseizoen konden we ook weer de andere percelen in om daar de bramen aan te pakken. Dat gebeurde met name in twee percelen met weinig opgroeiende bomen na de grote rooiactie van zieke essen. SBB wilde dat we daar nieuwe aanplant (in vaktermen: plantsoen) neerzetten om nieuwe bos te creëren.
De bramen nemen nog steeds explosief toe in het Kruiskadegebied, door de grote hoeveelheid stikstof die neerslaat vanuit de omgeving. De dijkviltbraam doet het daar heel erg goed op. Dat belemmert jonge aanplant van bomen en struiken. We verwachten dat naarmate de bomen en struiken hoog en breed genoeg zijn, er zo weinig licht op de bodem van de bospercelen zal vallen, dat de braam daardoor onderdrukt wordt en niet meer zo dominant is. Maar eerst zullen we nog een paar jaar stevig aan de bak moeten met de braambestrijding. |
||
Het seizoen samengevatHet weer tijdens dit seizoen was regelmatig niet al te best. Er viel veel regen. Dat, en het feit dat een viertal knotters helaas te maken kreeg met een ziekenhuisopname en daarna langdurig moest revalideren (gelukkig geen knotongevallen), zorgden ervoor dat de hoeveelheid deelnemers aan de knotochtenden aan de lage kant was. Er viel zelfs een knotochtend uit. Zaterdag 3 januari 2026 sneeuwde en waaide het zo hard, dat werken onverantwoordelijk zou zijn. De hele week daarna bleef het waaien, vriezen en vaak hard sneeuwen. Helaas leverde deze koude aanval geen goede ijsvloer op. We konden dus weer niet klussen op een aantal eilanden en in een aantal moerassen in ons werkgebied.
|
||
|
Toch werd er ook dit seizoen weer heel veel werk verzet. Er werd doorgegaan met het verwijderen van bramen in maar liefst vier bospercelen, ter voorbereiding op de nieuwe aanplant. Omdat er al eerder bosaanplant in die percelen had plaatsgevonden, die deels de bramenoverwoekering overleefd had, is dit grotendeels met de hand uitgevoerd. Hiermee werd voorkomen dat bij het rooien van de bramen ook meteen de nog jonge, dunne boompjes en struikjes zouden worden weggemaaid. Geregeld werden de bramen echt met de schop uitgestoken. Dat zorgt er het best voor dat ze niet snel terugkeren. Maar dat is zo intensief, dat een groter deel met heggenscharen en takkenscharen tot net boven of op de grond werden weggehaald. Een ander deel, waar geen of nauwelijks jonge aanplant stond, werd machinaal, met bosmaaiers, verwijderd. |
|
1100 nieuwe bomenEn op 18 februari 2026 was het dan zo ver. SBB leverde maar liefst 13.000 jonge boompjes. Het grootste gedeelte daarvan was bestemd om door een aannemer in een aantal bospercelen, o.a. in de buurt van Koot, waar SBB vorig knotseizoen zelf grootschalig heeft gekapt, machinaal nieuwe boompjes in te planten. Wij kregen maar liefst 1100 boompjes (veel wintereiken en daarnaast o.a. haagbeuk, ruwe berk en els) om handmatig te planten in de vier van bramen geschoonde percelen. Voor deze klus hadden we zelfs een extra knotdag ingepland, op 21 februari 2026. Maar liefst 23 mensen (waaronder drie collega-vrijwilligers van het Zaans Rietveld) kwamen opdraven. We sloegen daarmee meteen een grote slag! De weken erna hebben we de rest van het plantsoen ingeplant. Nu wordt het zaak om deze percelen nog een paar jaar te blijven nalopen en nieuwe bramenopslag te onderdrukken. Daarna kan het bos dit zelf wel weer aan. |
Ook dit winterseizoen werd nog een stukje van de sloot tussen de kade en de bospercelen met de ouderwetse baggerbeugel gebaggerd. We hebben nog een heel stuk te gaan! Verder werden op diverse plaatsen in de bospercelen bomen die aan het sterven of dood waren, en een gevaar opleverden voor wandelaars of die over de sloten heen waren gevallen, verwijderd. Het hek aan het eind van het eerste deel van de kade vanaf de N11 werd door ons gerepareerd. Dit herstel was hard nodig. Er werden een paar vissenbossen in het vogelmeer aangebracht. Ook werd daar, links vanuit vogelhut Amalia gezien, een kleine ijsvogelwand gemaakt. Een grote, arbeidsintensieve klus was het over een grote lengte herstellen van de oevers langs het niet toegankelijke deel van de kade, zowel aan de zijde van het vogelmeer, als langs de doorgaande sloot aan de andere kant. Er werden meer dan honderd palen met de slegge in de kant geslagen. Dit werd gevolgd door het bekende recept: slieten vlechten, takken storten, fijn knippen. De benodigde materialen, wilgenslieten, -tenen en –takken, kwamen uit de omgeving, want het grote wilgenbos aan het begin van de kade (vanuit de Amaliahut gezien aan de rechterkant van het vogelmeer) werd meteen van de pruiken ontdaan. |
Nieuwe palen en slietenOp een aantal plekken langs de kade werden de oevers versterkt met nieuwe palen en nieuw vlechtwerk van wilgenslieten, gevolgd door het volstorten met takken uit de omgeving, die daarna werden fijngeknipt.
|
Het eilandje in de vogelplasHet eilandje in de vogelplas werd ook –zoals ieder jaar- helemaal kaal gemaakt, zodat daar weer plek is voor het scholeksterpaar, dat al jaren op het eiland broedt. Na afloop van het seizoen (maart 2026) was het scholeksterpaar alweer aan het broeden, evenals een paartje Grote Canadese ganzen. We hopen nog steeds dat er ooit een kleine visdievenkolonie van het eiland gebruik wil gaan maken.
|
Acht flinke knotwilgenOok werden acht flinke knotwilgen net voorbij de overstort van hun pruik ontdaan. Er kwam veel hout vanaf, dat allemaal in de eerder gemaakte houtrillen werd verwerkt. Er kwam zoveel wilgenhout van de bomen af, dat we de rillen zelfs nog een stuk moesten verlengen.
|
Werken op andere plekken dan het SpookverlaatOok dit seizoen hebben we weer wat hand- en spandiensten verleend aan onze collega's van het Zaans Rietveld, dit keer voornamelijk administratief. Verder verzorgden we het jaarlijks onderhoud van de uitzichtheuvels over De Wilck. De traditie van het knotweekend werd ook dit seizoen weer voortgezet. We gingen dit keer in november naar het diepe zuiden van ons land, standplaats Gulpen. Dit keer werkten we aan het vrijzetten van het spoor van het zgn. Miljoenenlijntje. De takken van de bomen dreigden de oude stoomtreinen te gaan raken. Het hakhout moest flink worden teruggezet. We verzetten weer bergen werk en genoten daarnaast van een rijtocht in klassieke treinen, de gastvrijheid en de schoonheid van het Limburgse heuvelland. |
SeizoeneindeHet seizoeneinde had in maart 2026 twee gezichten. Enerzijds de altijd gezellige, traditionele afsluiting van het seizoen, met extra hapjes en drankjes, en anderzijds een spoedoverleg over een nogal hoog opgelopen verschil van inzicht over de vrijwilligerswerkzaamheden tussen SBB en onze coördinatoren. Gelukkig is dit goed uitgesproken.
|
||
De gouden plonsLigt het aan de Arbo-coördinatrice? Er is dit jaar niemand te water geraakt, zodat de Gouden Plons dit seizoen niet is uitgereikt. De Plonscommissie hoopt en verwacht dat er volgend seizoen weer een uitreiking kan plaatsvinden. ![]() |
Minder hout, geen houtverkoopAlweer een paar jaar geleden zijn we bezig in de bospercelen de essen te rooien. Dat werk is afgerond. De houtopbrengst uit deze percelen stopt dus ook. Dat betekent een flinke inkomstenvermindering voor onze VWG. En dat er geen hout is voor de verkoop.
|
ContactVoor meer informatie over landschapsbeheer kunt u met contact opnemen. Bij geen gehoor kunt u ook met contact zoeken. |